Een vrouw uit Pozzuoli (1343)

Ooit was er een Rooms-Katholieke kardinaal Giovanni Colonna. Ergens in november 1343 ontving hij een brief uit Pozzuoli van een man genaamd Petrarch. Petrarch, ookwel Francesco Petrarca, was een bekende dichter en schrijver. Geert Mak en René van Stipriaan noemden deze brief: 'een vrouwelijke soldaat'. In 1999 werd hun boek gepubliceerd 'Ooggetuigen van de wereldgeschiedenis in meer dan honderd reportages'. In de brief meldde Petrarch dat hij de mythe heeft ontmoet, waar hoogstwaarschijnlijk veel roddels over rondgaan. Over haar kuisheid, haar kracht en haar gewoontes. Wat hij slechts kan doen, zegt hij, is beschrijven wat hij zelf heeft gezien. 

'Uit verschillende delen van de wereld waren sterke en door de strijd geharde mannen samengekomen die daar, hoewel ze op weg waren naar elders, door het toeval verenigd waren; en toen ze hoorden over deze vrouw, wilden ze haar kracht op de proef stellen. En zo beklommen wij, nadat daartoe eenstemming was besloten, de vesting bij Pozzuoli.'

Petrarch ontmoette haar tijdens zijn doortocht, samen met een groep andere mannen. Ze zou het gelaat van een strijder en niet van een vrouw hebben. De groep besloot haar uit te dagen haar kracht te laten zien. Ze reageerde niet enthousiast op de uitdaging, maar toch liet ze een 'grote steen en een ijzeren staaf' halen. Het gevecht was lang en verwoed, een teken dat het een gevecht was tussen gelijken. Uiteindelijk bewees de vrouw zich superieur aan de mannen met wie zij vocht en begon Petrarch zich te schamen. Deze vrouw heette Maria en haar bijzonderste verdienste, zo ging de legende destijds, was dat zij haar maagdelijkheid had bewaard. Ze had haar hele leven tussen mannen geleefd, maar die hadden haar nooit aangeraakt. Dit was eerder uit vrees dan uit respect. Nooit heeft ze een strijd verloren. De briefschrijver herkende haar pas als vrouw toen hij onder haar helm keek en haar gewaarschuwde glimlach zag.

'Ze is niet vaardig met het weefgetouw, maar met werptuig, niet met naalden en spiegels, maar met pijl en boog; ze wordt niet getekend door kussen en de ontuchtige sporen van een onstuimige tand, maar door wonden en littekens; al haar belangstelling gaat uit naar wapens, en haar geest minacht het zwaard en de dood.'

De verhalen die over haar verteld werden waren vooral fabeltjes, vertelde Petrarch. Maar hoe uitzonderlijk waren vrouwelijke ridders in de middeleeuwen? Met afwisselende wetgeving (oftewel: toestemming van de Paus) konden vrouwen toetreden tot ridderorden. Je had zelfs aparte ordes voor vrouwen. Heel populair was het echter niet, het aantal vrouwelijke ridders bleef beperkt. Zij hadden dezelfde rechter als mannelijke ridders, maar of ze ook daadwerkelijk vochten, is niet duidelijk. Dat Maria van Pozzuoli gevechtsvaardigheden had, mag duidelijk zijn uit de beschrijving over haar. Ze was hier niet alleen in, op het internet zwerven meer namen van vrouwen die echt ten strijde trokken. Zoals Isabella van Castile die samen met haar man vocht en Agnes Hotot, die de plaats van haar vader nam in het leger. Laten we ook niet de groepen vrouwelijke ridders vergeten die hun borsten lieten zien om te bewijzen dat ze vrouwen waren.

De mythe van de vrouw als vechter is iets waar we altijd van hebben gehouden. We kennen Atalanta uit de Griekse Mythologie, samen met de Amazones (de inspiratie voor de superheld Wonder Woman). Mulan is een geliefd personage van Disney die haar vaders plek in het Chinese leger innam en heel rebels haar lange zwarte haar afsneed. Laten we ook Brienne of Tarth uit Game of Thrones niet vergeten, die uiteindelijk Lord Brienne of Tarth werd. Deze Maria uit Pozzuoli heeft de mannelijke krijgers om haar heen overtuigd van haar kunnen. Petrarch eindigt dit deel van zijn brief met:

'Ikzelf geloof voortaan, nadat ik deze vrouw gezien heb, niet alleen in de Amazonen en in hun vermaarde vrouwenrijk, maar ook in hetgeen wordt overgeleverd over de Italische krijgsmaagden die worden aangevoerd door Camilla, de bekendste van allen.'


Zelf opzoek

06-09-2019

Het was woensdagmiddag en hij deed dit voor de tweede keer vandaag. Hij zette zijn leren koffer op de lichtbruine tafel voor het bord. Hij klapte de koffer open, twee zilveren klipjes klapte omhoog. Links in zijn koffer lagen de mappen, losse papieren met groene strepen - rood is niet meer pedagogisch verantwoord - en zijn kleine bundel pennen....

Het was anderhalf jaar geleden dat Georgina voor het laatst in het café van haar geboortestad had gezeten. De chocolademelk met een langzaam groeiend velletje roerde ze geluidloos met het lepeltje langs de randen. Binnen was het warm, waren de lichten geel en de gezichten rood. Binnen werd alcohol in alle soorten en maten gedronken, buiten dronk...